Verdwijnstraat

Vincent Kompier leeg huis

Een jaar. Plus drie dagen. Dat is de tijd dat mijn Berlijnse woning, waar ik zeven jaar lang in gewoond heb, leegstaat. Bizar. Zeker in een stad waar de woningvraag (nee, ik schrijf –nog- niet: -nood) groot is. Opvallend, dat jaar leegstand. Want deze woning ligt in een buurt die als populair wordt beschouwd: Friedrichshain. Een voormalige Oost-Berlijnse buurt, die na de Wende van 1989 in rap tempo populair werd. De ene na de andere kroeg opende er. Het stadsdeel juichte de terrassengroei toe. En mijn straat werd aangeprezen als ‘typisch Oost-Berlijn’ (whatever that may be).

Bijzonder, die verjaardag van mijn lege woning. Die exact plaatsvond in de week waarin ruim 2.000 fashion-, ict-, communicatie-, media- en multimediastudenten van de Faculteit Digitale Media en Creatieve Industrie (FDMCI) van de HvA in Amsterdam aan de slag gingen met de kreet ‘Amsterdam als pretpark?’. Daartoe was een College Tour opgezet. Daar werd ik geïnterviewd over mijn ervaringen met toerisme in Berlijn. Beleid, strategie, groei, overlast, functie: alles kwam aan bod. Kon ik het weer eens ongegeneerd over mijn favoriete boek Berlin, Techno und der Easyjetset hebben. En over het ijzersterke The Tourist City Berlin.

Vincent Kompier leeg huis 2

Toevalligerwijs verscheen dezer dagen ook een verhaal in Vrij Nederland dat hieraan gerelateerd is. Daar ging het over het verdwijnen van een Berlijnse straat. Op aandringen van een raadslid van deelgemeente Friedrichshain-Kreuzberg is die Simon-Dach-Strasse verwijderd uit een toeristenapp . "Mijn" ex-straat is niet langer onderdeel van de ‘Geheimtipps’ voor Berlijn. De app ‘Going Local Berlin’ die door de stad Berlijn is opgezet raad de straat niet meer aan.

Een overheidsinstantie die iets als Geheimtip aanraadt moet je natuurlijk sowieso met een dikke korrel zout nemen. Een echte Geheimtip was het al lang niet meer. Zowat de hele wereld is er al een keer geweest. En daarna meestal niet meer. Want het is een Saufmeile, een straat met vooral middelmatige kroegen. Uitstekend geschikt voor bedrijfsuitjes, studentengroepjes en vrijgezelhellenparties. Niet voor je dagelijkse borrel. Net als veel andere horeca in grote steden bijna allemaal in één hand qua eigenaar. Met einheitswurst als gevolg.

Dat ‘succes’ van Friedrichshain; dat hippe 'echte' Oost-Berlijn; 't is een beetje over. De drugsdealers die uit het Görlitzer Park zijn verdreven zijn neergestreken op het RAW-terrein, aan het einde van de Simon-Dach-Strasse. Kortom: de buurt is lang niet meer zo gezellig, veilig, gemoedelijk als vroeger. Met huurdempend effect. Er treedt op wat de kranten in Berlijn laatst al schreven: Paradoxe Entwicklung: In beliebten Kiezen sind die Mieten so stark gestiegen, dass sie keiner mehr bezahlen will. Also sinken sie wieder. Die Menschen weichen an den Rand des Kiezes aus. [Vertaling: Paradoxale ontwikkeling: in geliefde buurten zijn de huren zo sterk gestegen, dat niemand ze meer wil betalen. Met als gevolg dat ze weer dalen. Mensen wijken uit naar de randen van de buurt]. Edoch: onze (sorry, maar dat speelt een rol: Beierse) huisbaas wil niet de huur verlagen, want hij heeft niet door dat de buurt allang niet meer hip is.

Vincent Kompier leeg huis 3

Die ontwikkeling zal op huurwoningen vast een sterker effect hebben. Als je het ergens niet bevalt kan je sneller weg dan als je een koophuis hebt. Die dynamiek is misschien lang niet voor iedereen even leuk, maar aan de andere kant houdt die dynamiek de levendigheid van de stad wel in stand. Koop dempt dynamiek. Daar ben ik van overtuigd. En stelt dus vragen bij het alsmaar stimuleren dat iedereen een huis moet kunnen kopen. Al ben je zelfs pas achttien.

Dit alles mag u misschien als een valse afrekening klinken. Als een gemene poging eventuele Berlijnheimwee van mijn kant al schrijvende de kop in te drukken. Maar ik zweer u dat dit ’t niet is. Berlijn verandert gewoon zo snel, dat dit soort dingen gebeuren. Opgenomen in het wereldwijde toeristenweb, met dit tot gevolg: geldgierige eigenaren die helemaal niet doorhebben dat de buurt allang niet meer hip is. En woningen voor niks een jaar laten leegstaan.

Verdraagzaam

Vincent Kompier Samenwerking

De dag na de aanslagen in Parijs op vrijdag de dertiende namen we vanaf de Overtoom tram 1 naar Osdorp. Want Osdorp is rolstoelvriendelijker dan Oud-West. Per ongeluk vergaten we uit te stappen bij halte “Meer en Vaart” die het dichtst bij het winkelcentrum Osdorpplein ligt. Dan maar de volgende halte. Bij de halte “Louis Davidsstraat” waren we de enige die de tram verlieten. In de stoep bij het oversteekstoplicht was een 30 bij 30-stoeptegel gelegd met daarop een afbeelding van een rolstoel. Dat begon goed.

 Louis Davidsstraat, 1981 - foto: archief dRO Amsterdam

Louis Davidsstraat, 1981 - foto: archief dRO Amsterdam

Aan de overkant van de oversteekplaats rolden we verder. Hier hadden straten namen als: “Verdraagzaam”, “Geduld” en “Overleg”. Ik dacht terug aan begin jaren negentig toen ik voor een studieopdracht de Middelveldsche Akerpolder mocht onderzoeken. Deze polder was midden jaren tachtig na felle debatten tussen de dienst Ruimtelijke Ordening en de dienst Volkshuisvesting alsnog bebouwd. Ik ging er altijd op de fiets heen, vanaf het Singel tot aan de Akerpolder. Dertig minuten stad, via de Kinkerstraat, Postjesweg, Christoffel Plantijnpad. Toen al verbaasde ik me over deze straatnamen. “Inzet”, “Volharding” en "Verdraagzaam". Alles met elkaar verbonden via het “Dwaze Moedersplein”.

 Dwaze Moedersplein, mei 1981, foto: archief dRO Amsterdam

Dwaze Moedersplein, mei 1981, foto: archief dRO Amsterdam

Daar staat nieuwbouw uit midden jaren tachtig. Neergezet omdat de Cornelis Lelylaan toch niet is doorgetrokken tot aan de A9. Destijds heette dergelijke nieuwbouw “aanvullende woningbouw”. Zo ziet het er ook uit. De gebouwen waren vier lagen hoog en bestonden uit gemetselde stenen muren met witte, dikke plastic kozijnen. Ze hadden hier die beroemde non-steen gebruikt: niet geel, niet groen, niet grijs. Maar van dat alles de net-niet-kleur steen. Ook in de jaren tachtig kampte Amsterdam met een woningtekort. Eigenlijk kampt Amsterdam altijd met een woningtekort. Via “Geduld” rolden we verder naar het Osdorpplein.

Vincent Kompier Geduld

Daar aangekomen stond een Sinterklaas met het grootste Amsterdamse accent ooit op een geïmproviseerd podium door een sterk echoënde microfoon het handjevol toegestroomde publiek toe te spreken. Er liepen zwarte- en roetpieten rond. Weinig toeschouwers leken geïnteresseerd. Op een afstandje stond een groepje politiemannen gespannen toe te kijken. Er was geen protesterende menigte te bekennen. Geen actievoerders te zien. De enige actie was hier de Action. Passanten hadden meer aandacht voor de koopjes bij de Hema.

 Osdorpplein, 1981, foto: archief dRO Amsterdam

Osdorpplein, 1981, foto: archief dRO Amsterdam

Op Tussen Meer at ik een te koud broodje haring. Daarna rolden we verder om in café restaurant De Serre koffie te drinken. Het personeel was heel vriendelijk en hield de deur voor ons open, ook al waaide het als een tiet. Binnen keken we naar passerende winkelende mensen. “Osdorp is het Wedding van Amsterdam” stelde ik vast. Gewone mensen, in gewone kleren, met gewone boodschappentassen op een gevaarlijk gewoon lijkende zaterdag. Het Berlijnse Wedding. Een wijk die zo gewoon is gebleven dat er eenmaal per jaar een glossy over de wijk wordt gemaakt. Zo’n glossy zou Osdorp ook niet misstaan.

“Glosdorp” klinkt best gaaf.

Tussen Meer Vincent Kompier

Terug op de Overtoom ben ik de rest van de tocht naar huis gaan lopen. Bij Maison Descartes stond buiten op de stoep voor de ingang een vrouw -type Française, met zo’n knot op haar hoofdhaar- met twee nepvleugels op haar rug gebonden. Ze hield een bord vast waarop iets stond over 'hypocrisy' wat ik niet kon (of wilde) lezen. Ik liep verder. Voor me liep iemand die een sweater droeg waar op de achterkant “BLOED SERIEUS” stond, met daarnaast een gestyleerde druppel. Bij het wilde landje achter Artis schreeuwden twee laatste dahlia’s de herfst van zich af: “ik ben ROOD” en: “ik ben CITROENGEEL”.